1.    Toelatingsvoorwaarden.


Om als bewoner van het Tehuis toegelaten te worden moet de kandidaat beantwoorden aan drie voorwaarden:

  • een rechthebbende zijn van de Stichting. Dit wil zeggen, een afstammeling in de eerste graad zijn (zoon of dochter) of in de tweede graad (kleinzoon of kleindochter) van een lid van de militaire gemeenschap of deel uitmaken van het gezin van een van hun leden.
    Onder militaire gemeenschap dient verstaan te worden:
    • het militair- of burgerpersoneelslid van Defensie,
    • een persoon die gedurende vijf jaren gediend heeft bij Defensie, met pensioen, met verlof of overleden is
    • het personeel van de gewezen Rijkswacht in dienst genomen voor 1 januari 2001 en dat gedurende vijf jaar bij de Rijkswacht en/of de Politie dediend heeft en nu in dienst, met pensioen, met verlof of overleden is.
  • een lichte, gematigde of mentaal gehandicapte persoon zijn
  • minstens achttien jaar oud zijn.


2.    Inschrijving op de wachtlijst.


a.    De aanvraag.
De procedure begint met een aanvraag gericht aan de Voorzitter van de Stichting met de nodige documenten die bevestigen dat de toelatingsvoorwaarden vervuld zijn. De Voorzitter stuurt een ontvangstmelding op en indien nodig meldt hij welke documenten nog moeten opgezonden worden om de aanvraag te vervolledigen.
De erkenning van rechthebbende moet bewezen worden aan de hand van een verklaring opgesteld door een overheid van Defensie of van de Federale Politie en in het geval van een kind ten laste van een lid van de militaire gemeenschap met een bewijs van samenstelling van het gezin.
De handicap moet bewezen worden met “een algemeen attest van erkenning van handicap “ opgesteld door de FOD Sociale zekerheid, de graad van handicap moet minstens 12 punten bedragen. En daarbij dient de mentale handicap bewezen worden door een attest van een erkend Centrum.


b.    Inschrijving op een wachtlijst.
Alvorens definitief op de wachtlijst ingeschreven te worden nodigt de Voorzitter de aanvrager uit om zich aan te melden in een regionaal bureau van de AViQ om er een onderhoud te hebben met een agent van dit bureau. De agent geeft aan de aanvrager een “attest van onderhoud” tenzij de aanvrager reeds een toelating tot opname heeft voorheen opgesteld door het AViQ. Het duidt ook de mogelijke instellingen aan die de gehandicapte persoon kunnen ontvangen. Het attest van onderhoud of de toelating tot opname moet naar de Voorzitter van de Stichting gezonden worden.
Indien de gehandicapte persoon voldoet aan de voorwaarden voor opname gebaseerd op de toelating tot opname of het attest van onderhoud, nodigt de Voorzitter de aanvrager uit om contact op te nemen met Directeur van het Tehuis om na te gaan of integratie van de gehandicapte persoon in het Tehuis mogelijk is. Indien dit het geval is wordt de inschrijving op de wachtlijst definitief. Indien de integratie niet mogelijk blijkt te zijn brengt de Directeur de aanvrager, alsook het gewestelijk bureau dat het attest van onderhoud of de toelating tot opname heeft afgeleverd, hiervan op de hoogte.


3.    Toelatingsverloop.


a. Van zodra de aanvrager op een gunstige plaats komt om aanvaard te worden in het Tehuis zendt de Directeur hem een brief om hem uit te nodigen op een gratis stage van drie weken om de integratiemogelijkheden van de aanvrager concreet vast te stellen. Op het einde van de stage wordt een verslag opgesteld en voorgelegd aan de Voorzitter van de Stichting die beslist al of niet de aanvrager te aanvaarden in het Tehuis. Hij deelt dit mede aan de aanvrager en bepaalt met hem de datum van werkelijke opname in het Tehuis. Hij stelt eveneens een overeenkomst voor verblijf op proef op voor een duur van zes maanden en die de praktische modaliteiten van de huisvesting vastlegt.


b. Binnen de drie maanden na de opname van de nieuwe bewoner in het Tehuis stelt de Directeur een gedetailleerde beschrijvende fiche op (persoonsgegevens, aard van de handicap, graad, verloop, . .) die hij overmaakt aan het regionaal bureau dat het attest van onderhoud of een toelating tot opname heeft opgesteld. Op basis van deze gegevens stelt dit bureau een voorlopige toelating voor één jaar op.


c. Bij het einde van de overeenkomst voor verblijf op proef, brengt de Directeur opnieuw verslag uit bij de Voorzitter van de Stichting die beslist zo ja of neen een overeenkomst voor definitief verblijf op te stellen.


d. Na verloop van een jaar verblijf in het Tehuis heeft er een ontmoeting plaats tussen het Tehuis (Directeur, sociale assistente, psycholoog, arts, . .) en het regionaal bureau die dan een toelating van opname voor onbepaalde duur opstelt. Het is het regionaal bureau dat de vernieuwing van de toelating op zich zal nemen.

4.    Hulp nodig?

Onze maatschappelijke assistente staat tot uwer beschikking om te antwoorden op uw vragen en u te helpen bij de te ondernemen stappen.

Cathy Dehertog

maatschappelijke assistent

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.  

067/212513.